Kabinet veroorzaakt slachting onder sportende jongeren

04-05-2021

Met frietje mayo zorgt kabinet voor slachting onder sportende jongeren.


Thijs Zonneveld bespreekt in zijn nieuwe column de huidige versoepelingen in tijden van de coronacrisis, maar vindt daarbij dat het demissionaire kabinet nauwelijks oog heeft voor de sport.


Er wordt flink versoepeld, maar aandacht voor de sport is er vanuit het demissionaire kabinet nauwelijks. En dat terwijl één op de twee Nederlanders in de coronacrisis minder is gaan sporten of zelfs helemaal gestopt is. 

De terrassen: vol. Het park: vol. De meubelboulevard: vol. De winkelstraat: vol. De scholen: vol. De parkeergarage: vol. De slijterij: vol. De Primark: vol. Het plein voor de frietkraam: vol. De supermarkt: nog voller dan vol. De sporthal: leeg.

Voor dit kabinet is bier drinken, een frietje mayo eten en nieuwe kussenhoezen kopen belangrijker dan de mogelijkheid om te sporten en te bewegen. In talloze sectoren worden de coronamaatregelen versoepeld, in de sport blijft het hek op slot. Zwemles voor kinderen, een beetje trainen voor jongeren - meer mag er niet. Er is geen ruimte voor maatwerk, niet voor wetenschappelijke inzichten, niet voor redelijkheid. Zelfs met een paar kinderen op de fiets naar een dorp verderop om een uitwedstrijdje te voetballen is verboden.


Het is pijnlijk, maar niet verrassend. Dit kabinet denkt niet anders dan het vorige en het volgende. Sport en bewegen is een hobby. Iets voor erbij, iets dat mensen zoveel mogelijk zelf moeten uitzoeken. In coronatijd is sport een probleem. Er wordt gemakshalve vergeten dat bewegen een levensbehoefte is.

In coronatijd is sport een probleem. Er wordt gemakshal­ve vergeten dat bewegen een levensbe­hoef­te is.


Vóór de coronacrisis waren we al Europees kampioen zitten. Om de haverklap verscheen er een nieuw onderzoek waarin de noodklok werd geluid. Jongeren kampen vaker met overgewicht en diabetes twee, kinderen uit arme gezinnen sporten veel te weinig. In de afgelopen maanden is het alleen maar erger geworden. Gisteren kwamen via het NOC*NSF nieuwe cijfers naar buiten. Eén op de twee Nederlanders is in de coronacrisis minder gaan sporten of helemaal gestopt. Vooral onder jongeren is het een slachting: 78 procent van de binnensporters tussen 5 en 18 jaar oud is gestopt. 1,4 miljoen mensen geven aan dat ze hun sportritme niet direct zullen of kunnen oppakken zodra de crisis over is. Het overgrote deel van de respondenten geeft aan zich minder fit (fysiek én mentaal) te voelen.
 

Bewegen

Het is een bizarre paradox. Aan de ene kant zijn we obsessief bezig met gezondheid, met IC-cijfers en met de besmettingsgraad. We kieperen miljarden en miljarden en nog meer miljarden in de gezondheidszorg. Maar aan de andere kant hebben we nauwelijks aandacht voor preventie, voor de voordelen van een gezondere, fittere samenleving. Sla er de verkiezingsprogramma’s maar op na: er staat niets of nauwelijks iets over sport beschreven. En áls er al iets beschreven staat, dan zijn het veelal holle woorden die echoën in het kleinst mogelijke subsidiepotje.

Echt, ik begrijp dat we in coronatijd niet alles open kunnen gooien. Maar áls we ergens de maatregelen versoepelen, laten we dan vooral niet vergeten om mensen van jong tot oud, van dik tot dun, van prof tot prutser, weer de mogelijkheid te geven te bewegen. Af en toe een wedstrijdje, samenkomen met een team, een reden om weer te trainen.

Sport is niet het probleem. Het is een deel van de oplossing.

 

Bron: AD